top of page

mijn iris waar gij

25 sep 2025
1 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 26 sep

Hoeveel hemel dragen we in onszelf? Dit gedicht zoekt het antwoord niet in een paradijs buiten ons, maar in de herinnering die achterblijft. Wat als de echte overvloed niet elders ligt, maar in het nabeeld dat we van elkaar bewaren en in de manier waarop we hier, voor elkaar, een paradijs scheppen?





het stolt            
lijven onder luifels, regen                      
 
tijd tussen pozen
en impasses blank:
 
en blank uw vlees,
die belangeloze leemte
waar gij lengt
en dacht uw dorst te lessen.
 
in overvloed
tussen de nerven
van mijn netvlies vloeit:


rimpelend gloren op klinkers;
 
 
uw nabeeld, uw huis

mijn iris waar gij




“Zij laven zich aan de overvloed van uw huis, U lest hun dorst met een stroom van vreugden.”

Psalm 36:9


 

 


Recente blogposts

Alles weergeven

Opmerkingen


NIEUWSBRIEF

Vers geletter in je bus? Schrijf je in!

  • Instagram
  • LinkedIn
© 2025 Jo Du Marais. Powered and secured by Wix
bottom of page